Website about our cycling tour through Europe.
With practical tips for people with similar plans.

Vrijdag 3 juni.
Praiano - Foce Sele, 62 km (Tim 77 km), gem. snelheid 17km per uur, 387 hoogtemeters.
Na een luxe ontbijt, met omelet en meloen, en aan tafel, begint onze ochtendgymnastiek: nu moet onze hele uitrusting 100 traptreden omhoog. Voordat we ook maar een meter gefietst hebben zijn we al drijfnat van het zweet. De fietsen zitten onder het konijnenhaar, en er hangen zelfs keutels tussen de spaken. Vandaag eerst 40 km Costa Amalfitana tot Salerno en dan nog 40 km tot de camping bij Paestum. De weg langs de kust blijft adembenemend mooi, maar is wel wat drukker vandaag. We klimmen en dalen van dorpje naar dorpje. In Amalfi bekijken we de prachtige dom en kopen we een AD om te lezen hoe NEE Nederland wel niet gestemd heeft. We rijden verder naar Salerno, het is best hard werken. We rijden Salerno in via een waanzinnige betonnen goot, het lijkt of we in een computerspel terecht zijn gekomen. Wel reuze efficient... Salerno heeft een mooie boulevard, eventjes tenminste. Verder is het een gruwelijk smerige stad, het strand is ook bezaaid met troep, en daar liggen dan toch nog mensen tussen. We eten een simpele doch voedzame pizza en verlaten de stad weer. Langs de weg loopt een fietspad, dat we dan toch maar nemen, ondanks alle rotzooi die ook daar ligt, en het feit dat het ook regelmatig dichtgeparkeerd is. Dan komt er een auto een uitrit uit. We schrikken, Otto knijpt vol in zijn remmen en valt. Hij heeft er zo veel last van dat hij moet huilen, zijn fietst is hard op zijn been terecht gekomen. Zijn scheenbeen wordt blauw en zwelt op, hij heeft veel pijn, kan er ook niet op staan. De chauffeur van de auto blijkt een Rus, dat communiceert niet zo makkelijk. We besluiten toch even naar het ziekenhuis te gaan om een foto te laten maken om een breuk uit te sluiten. Petra rijdt met de assertief rijdende Rus, zijn vrouw en Otto naar het ziekenhuis. Ruim een uur later verordonneert de dokter een week rust (= niet lopen), van fietsen kan helemaal geen sprake zijn. Geen breuk dus, maar een kneuzing met zwelling. Zelf schatten we in dat Otto met 2 of 3 dagen wel weer kan fietsen. En nu moeten we nog naar een camping. Er volgt een ingewikkeld kool-en-geit spektakel: Tim en Petra fietsen verder, Otto en Pjotr + hun bagage worden door Alexei naar een nog nader te bepalen camping gebracht. Pjotr vindt 15 km verder camping Paestum, waar we deze tekst nu invoeren. Hij gaat in de berm zitten wachten tot Tim en Petra arriveren. Alexei neemt Pjotr en Tim mee terug naar de fietsen, die zijn vrouw in de tussentijd bewaakt, en Tim fietst de laatste 15 km voor de tweede keer, nu op Otto's fiets. Otto houdt zich heel goed: hij wacht overal geduldig en klaagt niet, terwijl hij duidelijk wel pijn heeft. We brengen de kinderen naar het zwembad, Otto kan in het water alweer goed uit de voeten, en we zetten de tent op. Uiteindelijk zijn we waar we wezen willen. Dat was me het dagje wel...

Zaterdag 4 juni.
Rustdag Foce Sele.
Maar eens kijken hoe Otto's been zich ontwikkelt vandaag. Ook een mooie gelegenheid om de was te doen en de fietsen te checken. De kinderen genieten van het zwembad. Otto kan alweer gewoon lopen, maar zijn been is nog wel gevoelig. 's middags bezoeken we het strand, de zee is wel lekker, maar het strand niet echt aantrekkelijk: niet echt schoon en verder niets te beleven, misschien omdat we vroeg in het seizoen zijn? 's avonds koken we weer eens zelf, het restaurant heeft in het voorseizoen maar een beperkt aanbod.

Zondag 5 juni
Rustdag Foce Sele.
's Ochtends gaan we op weg naar het tempelcomplex in Paestum, maar na een paar kilometer draaien we alweer om: Otto heeft nog te veel last van zijn been, vooral als hij door een kuil heen gaat, en daar hebben ze er veel van hier, doet het nog flink pijn. Morgen maar weer proberen dan. Gelukkig wacht het zwembad.  De badmeester past héééél goed op ons, zo'n beetje alles wat afwijkt van braaf dobberen wordt snel verboden. Aan het eind van de dag wordt hij dan ook door een gast het water in geduwd. Hij kan het niet waarderen, gevoel voor humor past niet bij zo'n verantwoordelijke functie. Tijdens de middagsrust leren we de jongens klaverjassen, ze pikken het snel op en vinden het leuk. Verliezen en slechte kaarten krijgen is zwaar te verteren, ze willen alleen maar winnen, het zijn echte van der H's! 's Avonds koken we weer zelf. De laatste olijven van het pond dat ik gisteren heb gekocht worden verslonden, vooral ook door de daaraan gekoppelde pitspuugwedstrijd, die Otto glansrijk wint.

Maandag 6 juni
Rustdag Foce Sele.
Vandaag gaan we weer proberen Paestum te bereiken. De jongens doen het voorstel dat pas na de middag te doen, ze willen 's ochtends klaverjassen en zwemmen, en als het zwembad vanmiddag dicht is op pad. We gaan accoord. Een eh, emotionele klaverjassessie volgt. De jongens willen tegen Pjotr en Petra spelen, maar missen daar toch nog wat ervaring voor. Als we de teams veranderen wint Otto tenminste alvast, voor Tim blijft verliezen nog afzien. Na de lunch fietsen we naar Paestum. Otto had gisteren vooral last van de hobbels in de weg, en hij zei daarom "Kans van 1 op een miljard dat ze die hobbels nu voor me hebben weggehaald". En ja: er werd nu druk gewerkt aan de weg, de bovenlaag asfalt was al weggeschraapt! Geen al te bijzondere route verder, maar tenminste grotendeels rustig. We proberen eerst een bospaadje door een natuurgebied. Het leek echter geen echt fietspad, maar meer een toegangspad door bossen waar de locals gaan picknicken en vervolgens al hun rotzooi achterlaten. Verschrikkelijk, wat kunnen ze hier een rommel maken, om depressief van te worden.
Het tempelcomplex is prachtig, 3 mooi gave tempels in een mooi park. Vooral de grootste tempel, of die voor Poseidon of Apollo bedoeld was is nog niet duidelijk, is prachtig. Hij is gemaakt van een okergele steensoort die een warm soort licht af lijkt te geven. Als we weer terug zijn op de camping doet Otto's been toch wel weer flink zeer. We blijven daarom nog een dagje hier, vooral omdat de tweede etappe vanaf hier één van de zwaarste van de hele reis gaat worden.

Dinsdag 7 juni
Rustdag Foce Sele.
Nog een dagje op de overigens prima camping Paestum (erg vriendelijk personeel) met veel zwemmen en kaarten en een erg smakelijk dineetje in het restaurant omdat er slecht weer dreigt. Dat valt gelukkig mee. Morgen weer lekker fietsen!

Woensdag 8 juni
Foce Sele - Bagni Contursi, 58 km, gem. snelheid 13,3 km per uur, 600 hoogtemeters.
Voor 5 nachten op deze supercamping, met gratis internetgebruik, zijn we € 100 kwijt, wat een bof dat we juist hier zijn blijven steken! De zon schijnt als we om 10.00u wegrijden, maar we hebben keiharde tegenwind, ondanks hard werken gaan we niet harder dan 13 a 14 km per uur. Voor ons waait een complete tak van een boom op de weg. Na 12 km, dus een uur in deze omstandigheden, bereiken we Persano, waar we willen pauzeren. Persano blijkt een legerbasis te zijn, en de weg die we daar willen nemen hoort daarbij. Voor de zoveelste keer vervloeken we onze kaart, die dit niet aangeeft. Ondanks smeekbedes mogen we niet over de basis heen, dat betekent een omweg van ruim 10km, niet niks met deze tegenwind. Wat een pech, eindelijk mooi landschap en weinig verkeer, krijgen we deze rotwind. We ploeteren verder tot een picknickplek bij de Sele, de jongens waaien soms bijna van de weg af, het is zeker windkracht 7 of 8. We hebben er pas 35 km op zitten, het schiet niet op. Na de picknick gaan we de snelweg over om onze weg te vervolgen over een weggetje parallel aan de snelweg. Volgens de kaart althans, in werkelijkheid kronkelt het weggetje over en onder de snelweg door, dus met de nodige steile klimmen en afdalingen. De weg is helemaal kapot gereden door het zware vrachtverkeer dat er voortdurend rijdt, van de ene steengroeve naar de andere betonfabriek (?). En de wind blaast door. We zijn terechtgekomen in een hel van stof en stenen, en moeten regelmatig stukken lopen omdat hellingen te steil en/of te stenig zijn. Meer dan anderhalf uur worstelen we voort om deze 12 km achter ons te laten. De jongens, en Otto's been, houden zich geweldig, petje af. Uitgeput bereiken we de afslag bij Contursi, een soort asfaltspaghetti met onwaarschijnlijk veel op- en afritten, geen verkeer en geen bewegwijzering. Onze kaart helpt ons natuurlijk niet verder. We belanden op een industrieterrein en worden, ook dat nog, belaagd door honden. We vragen de weg aan een auto die langs komt, en blijken een onwaarschijnlijk smal weggetje in te moeten. Dit is ongelofelijk steil, tot 20 %, met honden die nijdig blaffend op ons af komen. Ze doen niets, maar dat weet je pas achteraf... Otto stort voor het eerst in, ik heb er alle begrip voor. Op deze steile weg lukt het alleen superTim in het zadel te blijven. Pjotr, Petra en Otto moeten lopen.  Eindelijk bereiken we de goede weg. De camping staat aangegeven 'na 2000 m', en 2 km later staat hij aangegeven als nog 1400 m. De andere kant op! We besluiten onze toevlucht te nemen tot een hotel, en vinden met gemak een kuurhotel, het is heftig kuurgebied hier, met bijbehorende zwavelstank. We worden aangestaard alsof we buitenaardse wezens zijn, op het genante af tijdens het diner, dus we leggen maar even uit waar vandaan en waar naartoe. De kuurporties diner zijn niet genoeg voor de jongens, gelukkig kunnen we een extra bordje voor ze regelen. Na het eten gaan Petra en Otto spelletjes doen op de slaapkamer, Pjotr en Tim gaan voetballen kijken met de Italianen.

Donderdag 9 juni
Contursi - Laghi di Monticchio, 72 km, gem. snelheid 14,3 km per uur, 1195 hoogtemeters.
Van te voren verwachtten we dat dit zo'n beetje de zwaarste etappe van de reis zou worden, maar na gisteren weten we dat niet meer zo zeker. Het waait een stuk minder, dat helpt. We horen van andere gasten dat het de afgelopen dagen veel geregend heeft, dat hebben we dus mooi misgelopen dankzij Otto's been! Nadat Otto emotioneel afscheid heeft genomen van Bed, Tv en Afstandsbediening stappen we weer op de fiets. De weg kronkelt door de vallei van de Sele, lekker rustig omdat er ook en snelweg onderdoor loopt. Het is half bewolkt en voor het eerst fris, rond de 20 graden. Mooie vergezichten, een goede fietsweg!  Na Ponte Sele begint de eerst klim, van 200 naar 697 meter. De weg blijft rustig met alleen af en toe een vrachtwagen die ruim om ons heen gaat. Om de paar kilometer stappen we af voor een koekje, een fruitella of een hapje kitkat. Het klimmen gaat prima, de weg stijgt met 4 a 5 %, goed te doen. De jongens klimmen of ze dat al hun hele leven doen. Bijna boven pakken donkere wolken zich samen, maar de schade blijft beperkt tot een paar druppels. We lunchen een eindje voorbij de top in een restaurantje dat we zonder hulp van de locals niet gevonden zouden hebben. Te koud voor picknick, en we hebben wel wat lekkers verdiend! De weg daalt nu een stuk en we schieten flink op via de rustige weg met nog steeds vooral af en toe vrachtauto's. De laatste klim naar de kratermeren van Monticchio is er een van 260 naar ruim 700 meter. De weg is erg steil, voortdurend 8 a 10%, en de jongens kunnen laten zien wat ze waard zijn: ze klimmen dapper verder, en geen klacht komt over hun lippen. Pjotr en Otto hebben het moeilijk, Petra en Tim gaan makkelijker. Morgen krijgt Tim er wat bagage bij! Eindelijk bereiken we camping Europa, een weitje bij de picknickplek bij de Laghi. De temperatuur is inmiddels gedaald tot 12 graden, en als we pasta eten bij de kiosk zitten we met al onze kleren aan nog bijna te rillen. We slapen deze nacht met al onze kleren aan. We besluiten in deze kou geen rustdag te nemen en morgen door te rijden naar de agriturismo die we op het oog hebben. We genieten even van het uitzicht; het meer ligt wel prachtig.